Henri Vial.
SiteLock

Je camera heeft een aantal voorkeuze modi waarmee je de camera op verschillende manier kunt laten werken. De P, Av, Tv en M standen zijn hierbij de belangrijkste. Maar wanneer gebruik je nu welke stand het beste en waarom? In dit artikel het antwoord op deze vragen.

 

Allereerst even dit; bij Nikon en andere merken worden sommige voorkeuzes net even anders genoemd (ik ben uitgegaan van Canon). De Av modus heet hier A en de Tv modus kun je terugvinden als S.

 

De programma modus die je kiest heeft gevolgen voor hoe je camera omgaat met gemeten belichting; welke instellingen worden gekozen bij de foto die je neemt. Naast de PASM-modussen (een veelgebruikte afkorting om de verschillende standen aan te duiden) hebben sommige camera's nog ander standen.

 

Zo kennen professionele camera's vaak nog de B-stand, een volledig automatische stand en wellicht zelf in te stellen voorkeuzes. De camera's die gericht zijn op fotografen met minder ervaring hebben ook nog voorkeuzestanden gericht op specifieke situaties, zoals de sportstand, de portretstand en dergelijke. Ik richt me in dit artikel op de PASM-standen en de B stand.

Eigenlijk kun je hiermee elke situatie aan.

 

 

Program (P)

 

De P-stand op je camera is een automatische stand waarbij je zelf nog steeds veel controle houdt. Je camera meet de belichting voor een scene en kiest daar een passend diafragma en sluitertijd bij. Deze keuze wordt gemaakt op basis van de hoeveelheid beschikbaar licht, de ingestelde lichtgevoeligheid en het gebruikte objectief.

 

De camera probeert er in eerste instantie voor te zorgen dat je een voldoende snelle sluitertijd hebt om bewogen foto's te voorkomen. Is er voldoende licht voor een onbewogen foto dan wordt het diafragma verder dicht gedraaid zodat er meer scherptediepte in je foto zal komen.

 

Het voordeel van de P-stand is dat je weinig na hoeft te denken over de gebruikte instellingen om toch scherpe foto's te krijgen. Daarbij heb je wel controle over wat er gebeurd, mocht je dit willen. Zo kun je aan het wieltje draaien om de gekozen sluitertijd en diafragma aan te passen.

 

Draai je de ene kant op dan vertraagt hij de sluitertijd en sluit hij het diafragma (meer scherptediepte). Draai je de andere kant op dan verkort de sluitertijd en opent het diafragma (minder scherptediepte).

 

Als je vind dat de foto te donker of te licht wordt dan kun je 'plussen' of 'minnen'. Hierbij geef je aan dat de camera op de gemeten belichting een x aantal stops moet onderbelichten (minnen, de foto wordt donkerder) of overbelichten (plussen, de foto wordt lichter).

 

Time Value (Tv)

 

Bij Nikon heet dit shutter-priority (S). In deze stand licht de focus op de sluitertijd. Deze stel je zelf in door aan het wieltje te draaien. Het diafragma past zich automatisch aan op basis van de gemeten belichting.

 

Deze stand is vooral handig als je wilt voorkomen dat je sluitertijd te lang wordt. Bijvoorbeeld om te voorkomen dat een bewogen voorwerp ook bewogen in beeld staat. Je kiest dan een minimale sluitertijd waarbij je weet (uit ervaring of proefondervindelijk) dat je bewogen onderwerp toch bevroren wordt in je beeld.

 

Uiteraard kun je deze stand ook gebruik om juist beweging in een bewogen onderwerp vast te leggen. Je kiest dan de sluitertijd die langzaam genoeg is om de beweging vast te leggen. In de Tv-stand kun je ook gebruik maken van plussen en minnen om de gemeten belichting na smaak aan te passen.Aperture Value (Av)

 

Bij Nikon heet dit aperture-priority (A). In deze stand is het juist het diafragma dat je zelf handmatig kiest middels het draaiwieltje. De camera zoekt de bijpassende sluitertijd op aan de hand van de door de camera gemeten belichting.

 

Deze stand is handig wanneer je bijvoorbeeld een kleine scherptediepte in je foto wilt hebben. Stel het diafragma bijvoorbeeld in op f/2.8 en je weet vrijwel zeker dat je achtergrond onscherp zal worden. Handig voor bijvoorbeeld portretfotografie. Natuurlijk is het omgekeerde ook mogelijk met juist een hele grote scherptediepte.

 

Net zoals bij de P en Tv stand kun je ook hierbij plussen en minnen om de door de camera gemeten belichting bij te stellen naar je wens. De Av-stand gebruik ik veel vaker dan de Tv-stand. Meestal omdat ik met een grote diafragma opening (klein diafragmagetal) een onscherpe achtergrond wil in mijn foto's.Manual (M)

 

Wanneer je op de M-stand werkt zul je alles zelf moeten doen. Je lichtmeter geeft nog wel aan of de foto volgens de camera goed belicht is, maar je zal zelf je diafragma en sluitertijd in moeten stellen. Als je camera over een tweede wieltje beschikt kun je met de ene de sluitertijd en met de andere het diafragma kiezen.

 

Heeft je camera maar één wieltje (bij de instapcamera's van Canon), dan kun je een een knopje indrukken (met de melding Av) achter op je camera. Druk je die in en draai je aan het wieltje pas je het diafragma aan. Gebruik je alleen het wieltje, dan pas je de sluitertijd aan.

 

De handmatige stand is prettig in lastige lichtomstandigheden waar je ingebouwde lichtmeter moeite mee heeft. Denk bijvoorbeeld aan fel tegenlicht. Je kunt dan zelf kiezen welk diafragma en sluitertijd je gebruikt, bijvoorbeeld door eerst een detail te meten met je lichtmeter en hier je camera op in te stellen.

 

Ook als je met studioflitser of strobist-style werkt is de handmatige instelling noodzakelijk. Het licht verandert immers op het moment dat je de foto neemt; het flitslicht komt er dan bij. Je lichtmeter kan hier vooraf geen rekening mee houden. Handmatig werken dwingt je echt bezig te zijn met je camera instellingen, vandaar dat het bij veel opleidingen aangeraden wordt; je leert dan het beste wat sluitertijd en diafragma voor een effect op je foto's hebben.

 

 

Bulb (B)

 

De bulb-stand is een uitzonderlijke stand vergeleken met de ander. In deze stand stel je het diafragma in met het draaiwieltje, maar de sluitertijd bepaal je door de tijd dat je de ontspanknop indrukt. Druk je een halve seconde op de ontspanknop dan is je sluitertijd een halve seconden. Houd je de knop twee minuten in; dan staat de sluiter gedurende al die tijd open.

 

De bulbstand kun je het beste gebruiken in combinatie met een afstandsbediening en een statief. Je gebruikt deze stand ook voornamelijk tijdens nachtfotografie waarbij je soms sluitertijden nodig hebt die langer zijn dan 30 seconden (de maximum sluitertijd als instelling).

 

Wat is jouw favoriete stand en waarvoor gebruik je deze stand het meest?

Het is altijd goed om zo nu en dan eens met alle standen te oefenen!